|


















Pagina bijgewerkt op:
09-05-2012 18:51:22
| |
HISTORIE
|
De Duitse Herdershond is een relatief jong ras. De Duitse Herder is van oorsprong een hoedende hond die zijn werk
verrichtte in de schaapskudde. Hij moest de kudde ook tegen
invloeden van buitenaf beschermen.
Voor 22 April 1899 bestond de Duitse Herder als ras niet. Op die
dag werd uit het geheel van de herdershonden in Duitsland één dier
gekozen als eerste Duitse Herder.
Deze keuze was de eerste ernstige stap tot de creatie van een
standaard herders type in Duitsland. Op diezelfde dag, om de
ontwikkeling van het nieuwe ras te ondersteunen, werd tevens een
nieuwe club opgericht.
De hond, Hector Linksrhein, was
voorbestemd om de eerste Duitse Herder te zijn en om aan de
basis te liggen van een nieuw en wonderlijk ras van werkhonden.
Een ras dat de mens zou dienen in een veelheid en
verscheidenheid van functies , functies waarvan men zelfs niet
vermoedde dat ze in het bereik van de capaciteiten van een hond
waren. Een ras dat zou werken in extreme condities en dit tot in
de verste uithoeken van de wereld
De club, Verein für Deutsche Schäferhunde (SV), zou de grootste
en meest fokkende club worden in de wereld.
Dit
alles dank zij de visie en de vastberadenheid van één man,
Rittmeister Max von Stephanitz, een officier in het Duitse
leger en erkend als stichtend vader van het nieuwe ras: de
Duitse Herder.
Hector werd aangekocht door de Rittmeister en hij gaf hem de naam: Horand v Grafrath (Grafrath de
kennelnaam van Von Stephanitz). Zo werd Horand de eerste
geregistreerde Duitse Herder en hij werd ingeschreven in de
registers van de nieuwe club onder het nummer 1. |
 |
 |
Vóór Hector/Horand waren er herdershonden in alle mogelijke
variaties van bouw, kleur, type, grootte en bekwaamheden.
Herders in Duitsland zoals hun voorvaders en collega's van
elders in de wereld kozen hun honden voor hun fitheid,
fysiek en karakter in functie van het werk, ze stelden
weinig tot geen eisen aan zijn uiterlijk voorkomen.
Ter vervanging van
honden die te oud werden om te werken, verkozen de herders
om zelf te kweken met hun eigen honden, liever dat dan een
hond te kopen waarvan men niets van de werkkwaliteiten van
de ouders wist.
Natuurlijk werden
goed werkende honden die een nageslacht leverden dat op zijn
beurt goed werkte, gebruikt door de collega herders om hun
teven te dekken of ze kochten er jongen van. Er werd
waarschijnlijk ook met inteelt geëxperimenteerd wat leidde
tot de wrede slachting van de ongeschikte pups..
De beperkte
communicatiemiddelen en reizen hadden tot gevolg dat de
invloed op de fok regionaal beperkt was. Hierdoor
resulteerde de fok die voortkwam uit een eerder kleine
populatie dikwijls in een bepaald familie type hond, ook al
lag de nadruk op het werkvermogen.
In het Duitsland van
de 19de eeuw claimden verschillende types de naam
herdershond. In sommige regio's waren bepaalde groepen zelfs
zo ver dat deze genoeg gelijkheid vertoonden om als een
nieuw ras erkend te worden, ware het niet dat Von Stephanitz
zich er mee bemoeide.
|
Von Stephanitz was zeker
niet de eerste om te proberen een bepaald type in de
herdershond te introduceren. In een poging om een standaard
type te bepalen en te kunnen handhaven werd er rond 1890 een
club opgericht. De stichters Hauptmann Rielchelmann-Dunau en
graaf von Hahn, waren echter niet in staat de lijn van hun
oorspronkelijk idee aan te houden. Was het door hun
enthousiasme en gebrek aan organisatie of omdat ze nog geen
duidelijk beeld hadden van het type, waardoor de club ermee
na korte tijd stopte?
Toen Stephanitz ten
tonele verscheen kwam er ook verandering. Een ruiter met
goede kennis van anatomie en wat voor die tijd zeer ongewoon
was interesse en adequate kennis van de biomechanica van de
hond. Von Stephanitz had duidelijke ideeën over de mentale,
anatomische en biomechanische karakteristieke vereisten van
een herdershond. Een idealist met zowel het intellect als
het kapitaal om zijn ideeën te ondersteunen, hij bezat
tevens de vastberadenheid en de toewijding om deze ideeën in
de praktijk om te zetten.
Zijn beeld van een
herdershond was een intelligent, onbevreesd dier met een stabiel
karakter en met de fysieke eigenschappen van de wilde hond. Een
vlotte draver met een lange pas, zonder inmenging van andere
rassen.
|

Horand v. Grafrath S.Z.1
(liggend) en Mari v. Grafrath S.Z.2 (zittend)
De eerste twee Duitse herdershonden die geregistreerd zijn in
Duitsland. |
 |
Samen met zijn collega,
Arthur Meyer die er dezelfde ideeën op na hield, was Stephanitz
op een hondenshow in Karlsruhe waar ze de hond zagen die de
verwezenlijking was van het beeld dat ze hadden van een
herdershond. Beide mannen waren vertrouwd met de Duitse
herdershonden en hadden reeds lang het karakter en de bereikte
functionaliteit van deze dieren bewonderd, maar in de hond
Hector Linksrhein zagen ze iets anders.
Hij was middengroot,
grauw van kleur, en qua uiterlijk wolfachtig, met de ruwe
natuurlijke schoonheid van de wildernis. Daar stond de basis
voor het nieuwe ras, de eerste Duitse Herder, kalm, vol
zelfvertrouwen en als een koning tussen de andere dieren. Meyer en
Von Stephanitz
wisten wat hun te doen stond. Von Stephanitz kocht de hond en zonder
voorbereiding of eerder overleg stichten de twee daar de club
voor de nieuwe Duitse Herdershond.
De eerste voorzitter van
de nieuwe vereniging was Artur Meyer, maar zijn voorzitterschap
heeft slechts 3 jaar geduurd. Daarna nam zijn collega Von Stephanitz
het roer in handen voor de ontwikkeling van het nieuwe ras.
Toen aan het begin van de twintigste eeuw de schaapskudden
langzaam maar zeker verdreven werden, en de herdershonden om die
reden hun baantje dreigden te verliezen, besloot Von Stephanitz
het roer om te gooien en nieuwe taken voor de Duitse herder te
zoeken. In 1901 organiseerde hij al wedstrijden voor de Duitse
herder als politiehond. Ook werd het nut van het ras ingezien
als Rode Kruishond. De Duitse herder bleek de werklust en inzet
te bezitten die hem voor velerlei taken geschikt maakte.
|
| In Nederland kwam de Duitse Herder
pas na de Eerste Wereldoorlog in de belangstelling. In 1910 kwam
de eerste Duitse Herder in ons land uit op een tentoonstelling.
Twee jaar later richtte men de eerste Nederlandse vereniging
voor Duitse Herdershonden op (D.H.C.) . Een van de oprichters
van de heer H.A.P.C. de Groot. Hij heeft een belangrijke rol
gespeeld voor de ontwikkeling van het ras in ons land. Hij was
de eerste keurmeester voor de Duitse Herder in Nederland.
In 1914 werd een tweede vereniging
opgericht, Oordwijk, die later de Utrechtse Duitse Herdershonden
Vereniging (UDHV) werd genoemd.
Er kwam echter behoefte aan een
landelijke vereniging. Op 4 november 1917 werd in Amsterdam de
Vereniging van fokkers en liefhebbers van Duitse Herdershonden
(V.D.H.) opgericht. |
 |
|